Elmina
Uit Bilgibog
São Jorge da Mina of Elmina is een stad in Ghana, de vroegere Goudkust, op 155 kilometer ten westen van de hoofdstad Accra.
In Elmina is er ook een slavenfort geweest.
In 1637 pakten de Nederlanders onder leiding van graaf Johan Maurits van Nassau-Siegen het slavenfort in Elmina van de Portugezen af. Dat fort aan de Goudkust, het kustgebied van het huidige Ghana, vormde 150 jaar lang een van de belangrijkste centra van de transatlantische slavenhandel van de WIC. Vanuit Elmina werden alleen al de eerste 10 jaar daarna tienduizenden slaven, die 3 miljoen euro opbrachten, verscheept naar suikerplantages in Brazilië. Daar moesten ze zich dood werken voor een zo hoog mogelijke suikeropbrengst, die de Nederlandse kolonisatoren naar Europa vervoerden en verkochten. Met dat geld kon men weer nieuwe slaven voor de plantages kopen. Door deze driehoekshandel werden koopmannen en de overheid schatrijk. Het was voor de WIC van groot belang om de Nederlandse steunpunten op de West-Afrikaanse kust te behouden. Toen de Engelsen die in 1664 dreigden te veroveren, stuurde de Staten-Generaal daarom Michiel de Ruyter erheen. Hij verjoeg de Engelsen en stelde daarmee de Nederlandse handel in Afrikaanse slaven voorlopig veilig.

